Bioloog Wieger Wamelink ziet natuur rond Winterswijk al sterk veranderen

28 november 2018

‘Bomen en planten bezwijken door opwarming’

Winterswijk mag bogen op een unieke, afwisselende natuur, maar oud-plaatsgenoot en bioloog Wieger Wamelink kijkt verder dan dat idyllische plaatje: “Want er zijn al echt veel soorten verdwenen en dat lot zal nog meer inheemse planten en bomen gaan treffen.” Maar daar komt volgens hem ook weer wat voor terug en het coulisselandschap biedt juist kansen voor de natuur. Een gesprek met de onderzoeker naar de relatie tussen planten en bodem, die als exo-bioloog bekend werd om zijn studie naar het kweken van voedsel op Mars.

Door Jan Ruesink

Eén ding staat voor Wieger Wamelink (Winterswijk, 1966) onomstotelijk vast: “Het wordt warmer op aarde. En ik denk zelfs dat het niet bij 1,5 of 2 graden opwarming in het jaar 2100 blijft. Het zal eerder 3 graden heter worden. We verbruiken gewoon te veel energie, stoten te veel gassen uit en we zijn met te veel mensen op aarde. We hebben nu in augustus al de grondstoffen verbruikt voor een heel jaar en dat wordt steeds vroeger, dus we leven op de pof. Eigenlijk zouden we nu al twee aardes nodig hebben. We kunnen dat verbruik hier wel remmen met allerlei maatregelen, maar in een land als Amerika vervuilen ze vrolijk door en rennen ze als lemmingen naar de afgrond.”

Elke graad opwarming heeft gigantische gevolgen voor de plantenwereld, weet Wamelink als onderzoeker van Wageningen University & Research. “Nederland is nu al te warm voor zo’n honderd plantensoorten en met drie graden erbij wordt het hier voor 500 planten te heet onder de voeten. Dan heb je het wel over 40 procent van de plantensoorten hier, want Nederland heeft veel minder biodiversiteit dan bijvoorbeeld het Middellandse Zee-gebied.”

Schraler
Dat proces is volgens Wamelink al volop zichtbaar. “Als ik nu in de natuur rond Winterswijk loop, dan zie je dat het echt een heel stuk schraler is dan toen ik jong was. Al die vlinders en bloemen in de berm en die modderkruipers en schorpioentjes in de beken, je ziet ze amper meer.”
De bedreigde planten en bomen zullen zich óf gaan aanpassen óf hier uitsterven, lees verkassen naar een wat koeler klimaat. Op zichzelf is dat volgens Wamelink niet dramatisch: “Want Nederland heeft weinig soorten die nergens anders voorkomen, dus dat lokale uitsterven is alleen voor ons vervelend, maar de soort blijft dan wel bestaan. En we krijgen er ook planten uit warmere landen voor terug. Dat betekent dat de biodiversiteit er niet onder hoeft te lijden.”

Plaag
Daar zitten echter wel heel wat ‘maars’ aan: want inheemse soorten die het hier voor gezien houden, nemen ook een heel ecosysteem aan schimmels, mossen en vogels mee. En exotische planten reizen soms langzamer dan de klimaatverandering en redden de overtocht naar Nederland dan niet, of – als ze het hier goed bevalt – worden juist een plaag. Denk aan de voortwoekerende Japanse duizendknoop, de berenklauw en de reuzenbalsemien.

Wamelink: “Laat ik vooropstellen dat er nog geen planten in Nederland zijn verdwenen door de klimaatverandering. Maar veel soorten hebben het wel moeilijk en zijn in aantal achteruitgehold. Het is goed om zoveel mogelijk soorten proberen te behouden, maar ik denk dat het beschermen van sommige soorten een achterhoedegevecht is. De berk staat al op omvallen en ook de es en grijze wilg komen zwaar onder druk. Ook de eik zal het moeilijk krijgen, hoe jammer ik dat ook vind, want ik ben een reuzefan van de eik. Maar moeten we tegen heug en meug ergens energie en gemeenschapsgeld insteken, alleen maar omdat we dat ooit afgesproken hebben?”

Wolf
De ‘exoten’, de nieuwkomers zijn volgens hem niet alleen maar een bedreiging. Dat geldt zowel voor planten als dieren. “Neem nou het Döttenkrö. Daar worden nu uitheemse bomen gerooid om de inheemse bomen meer lucht te geven. Prima, want die inheems soorten brengen veel meer biodiversiteit met zich mee. Maar, zeg ik dan, laat een paar van die Douglassparren en Japanse lariksen gewoon staan, want dat maakt het bos gevarieerder en spannender en de zwarte specht is dol op naaldbomen. Exoten zijn er door de eeuwen heen altijd geweest en vele zijn hier gewoon ingeburgerd. We hebben ook een studie gedaan naar de komst van de wolf. Iedereen ziet dat als een bedreiging, maar dankzij de wolf krijg je rijkere graslanden, met veel meer soorten bloemen en insecten. Gek hè, maar dat komt doordat reeën en wilde zwijnen door de wolf niet meer op open vlaktes durven te komen en die worden dan minder begraasd.”

Wat volgens Wamelink in ieder geval moet gebeuren is een einde maken aan de monocultuur. “We hebben prachtige eikenlaantjes gecreëerd, maar daarmee wel de rode loper uitgelegd voor de eikenprocessierups. Invasieve exoten kunnen dus een pest worden, ook al door de ecologische hoofdstructuren die we overal hebben gecreëerd. Dat zijn ideale corridors. Ik werk nu aan het maken van een risico-inschatting of nieuwe soorten een plaag kunnen vormen. Het onderzoek is nog niet gepubliceerd, maar ik kan al wel zeggen dat planten met een brede niche, die dus een grote variatie aan fosfaat en nitraat in de grond aankunnen, het hier goed zullen doen. Kijk maar naar de brandnetel en braam, die het ook prima doen langs de stikstofrijke landbouwgrond.”

Ecologisch boeren
Het Nationaal Landschap rond Winterswijk vormt voor de variatie aan planten- en diersoorten een mooie uitgangspositie, vindt Wamelink. “De landbouw zie ik snel beter worden, zeker nu minister Schouten heeft gezegd dat we niet meer op de oude voet verder moeten met gif en mestoverschotten. Ecologisch boeren, met zoveel mogelijk een gesloten kringloop, heeft de toekomst en er is een goede boterham in te verdienen, vanwege de hogere marges op dit voedsel.  In buurtschappen als Woold, Ratum en Kotten kan het ook goed. Al moet ik bekennen dat er van buiten Winterswijk wel ammoniak en stikstof kan neerdalen op de grond hier. Natuurbeheerders kunnen het ook beter doen. Ik zag gisteren nog dat het maaisel langs de Ratumse beek een week was blijven liggen. Een dag kan, om het zaad te laten verspreiden, maar nu sijpelt de stikstof toch weer de grond in. Daar erger ik me dan vreselijk aan.”

 

 

‘Liefde voor natuur begon bij opa in het Woold’

Wieger Wamelink werd 52 jaar geleden geboren als zoon van Appie Wamelink en Heintje Wamelink-Mulder aan de H.L. Spieghelstraat op het Oostervoort. Het gezin verhuisde later naar de Waliënsestraat. Tegenwoordig wonen Wiegers vader en moeder aan de Rembrandtstraat, waar Wieger en zijn vriendin Christine vanuit hun woonplaats Wageningen nog regelmatig naar toe treinen. (Wieger heeft om milieuredenen bewust geen auto).
De liefde voor de natuur kreeg Wieger als kind al mee doordat hij bij zijn grootouders (opa was de bekende smid Mulder uit het Voor-Woold) wandelingen in de omgeving maakte. Wieger doorliep de lagere school (school O), mavo en havo (RSG Hameland) en studeerde een jaar op de laboratoriumschool in Hengelo voordat hij plantkunde in Wageningen ging studeren.
Als onderzoeker stort hij zich tegenwoordig op allerlei studies naar de relatie tussen planten en bodemsoorten, wat onder meer uitmondde in experimenten met het kweken van planten in Mars- en maanachtige omstandigheden (zie kader).
Wieger is als maar het even kan in Winterswijk voor vakantie, familiebezoek, fietsen in de natuur of hardlopen: “Ik doe altijd mee aan de KroeseWeverscross in de winter en de Bergrun in de zomer, prachtige loopjes. De natuur hier blijft me trekken. We gaan zo weer naar het Wooldse Veen, waar ze door vernatting de berken laten afsterven en mossen laat gedijen. Een goede ontwikkeling. De natuur is hier zoveel mooier dan waar ik woon. De Veluwe is echt oersaai hoor, met al die grote eentonige bossen.”

 

De aardappels van Wieger doen het steeds beter op Mars

Wieger Wamelink stond enkele jaren geleden even in het middelpunt van de wereldwijde belangstelling. Zijn onderzoek naar het kweken van voedsel op Mars werd breed uitgemeten door de gezamenlijke vaderlandse pers, maar ook CNN, de New York Times, de Washington Post, de BBC, de Zuid-Koreaanse tv en National Geographic besteedden aandacht aan het onderzoek van zijn Wageningse team.

Wamelink is exo-bioloog en doet dus onderzoek naar levensvormen buiten de aarde. Gedreven door plannen van onder meer Elon Musk om Mars te koloniseren, vroeg hij zich af of het mogelijk is om zaadjes daar te laten ontkiemen en te laten uitgroeien tot eetbare groenten. In een nagebootste Mars-bodem (en nagemaakte maangrond) deed Wamelink proeven met meerdere soorten groenten. Nog niet zo makkelijk, want op Mars en de maan is het stervenskoud, is er nauwelijks tot geen atmosfeer (dus geen lucht, maar wel veel gevaarlijke straling) en de grond is er vergeven van giftige metalen. In 2013 en 2015 zijn twee experimenten uitgevoerd naar de teelt van erwten, radijsjes en tomaten op door NASA geleverd nagemaakt Mars- en maanzand. Eerst waren er wat moeizaam groeiende aardappels en het experiment van 2015 leverde de eerste radijzen, erwten, tomaten en rogge op. Maar is het is nog niet duidelijk of ze ook veilig te eten zijn vanwege de aanwezigheid van o.a. cadmium, lood en arseen in die grond. Het onderzoek daarnaar loopt en is volgens Wamelink ook nuttig op aarde. “Denk aan het schoonmaken van vervuilde bodems door middel van planten of de winning van zeldzame metalen uit planten.”

Maar er zijn meer redenen om een gesloten, duurzaam agrarisch systeem buiten de aarde mogelijk te maken, zegt hij: “In de toekomst zullen mensen mogelijk voor langere tijd naar Mars gaan en dan kunnen ze er hun eigen voedsel gaan verbouwen. Maar denk ook aan toepassingen als in het ruimtestation ISS. Niet alleen Nasa en ESA volgen de vorderingen van Wiegerinks moestuin-team daarom met belangstelling; ook de universiteit van Wageningen, toonaangevend in de landbouwwereld, heeft zo zijn redenen om het onderzoek te steunen. Wamelink. “Zo is het ons dit jaar gelukt om aardappels binnen twee maanden te laten kweken. Dat betekent dat je op aarde in kassen zes keer per jaar zou kunnen oogsten. Dat is een wereldrecord.”


Deel dit bericht

Advertentie


Socialmedia

This message is only visible to admins.

Problem displaying Facebook posts.
Click to show error

Error: Server configuration issue

Gerelateerde artikelen