Een kei van een kei Stenenrijk Winterswijk

25 november 2017

In de vorige eeuw hebben verschillende grote zwerfstenen een prominente plek gekregen in een aantal buurtschappen. Sinds 1985 staat ook in het centrum bij het oude raadhuis zo’n monumentale zwerfkei, die in het voetstuk wordt omringd door een bijzondere verzameling zwerfstenen. Deze fraaie geologische bezienswaardigheid dreigt in de vergetelheid te geraken.

 

De zwerfkeien in het Woold (1915), Kotten (1945), Ratum (1948) en Meddo (1972) kregen als gedenkstenen mooie plekken, die door de lokale gemeenschap worden onderhouden. De mammoetkei bij het raadhuis is in 1984 gevonden in Meddo en met een omtrek van elf meter de grootste. Aanvankelijk was de 43.300 kilo wegende kolos zelfs de grootste steen ooit in Nederland gevonden, maar dat werd elf jaar later overtroffen door de vondst van een nog net iets zwaarder exemplaar in het Friese Rottum. In de voet van de grote steen – net als de steen bij gebouw Wilhelmina in Kotten een herkenbaar gidsgesteente – zijn 29 verschillende steensoorten ingemetseld en genummerd. Destijds heeft de gemeente een brochure uitgegeven genaamd “Een kei van een kei” met uitleg over de herkomst en namen van de zwerfsteentjes in de voet, aan de hand van de nummering. Dat getypte document is niet meer algemeen verkrijgbaar en ook het kleine informatiepaneeltje geeft geen informatie over de stenenverzameling.

‘Steen des aanstoots’

Met mijn vroegere aardrijkskundeleraren Cees Ehlers en Willem Peletier sprak ik over deze voor velen onbekende erfenis van de in 1988 overleden Winterswijkse amateurgeoloog Gerrit Griffioen. Op zijn initiatief werd de grote steen het middelpunt van een interessante verzameling kleinere stenen.

Griffioen schreef in het tijdschrift van de Nederlandse Geologische Vereniging (NGV) over de vondst van de grote kei in Meddo, waar boer Overmars bij het ploegen in het Meddosche Veld op ’ne dikken kei’ schampte en grondverzetbedrijf Hiddink vroeg om deze ‘steen des aanstoots’ te laten verdwijnen in een diepe kuil. Maar toen de omvang duidelijk werd, vond men dat toch jammer en werd de kolos het bouwland opgesleept. “Na duizenden jaren ondergronds lag de graniet in al zijn schoonheid te kijk. Een ovaalvorming lichaam, aan de ene zijde afgeplat en aan de andere kant een bolle buik”, zo omschreef Griffioen zijn eerste waarneming van deze Rode Växjö-graniet uit de Zweedse provincie Småland.

In 1972 werd ook al een grote kei in Meddo gevonden in een bouwland van Geessink. Peletier vertelt geamuseerd de anekdote over de 40 ton zware steen, die nu bij het voetbalveld in Meddo staat. “De pastoor zag de kei graag bij de ingang van de kerk, maar de zoon van de boer was fervent voetballer en de toen nog zwaarste steen van Nederland kreeg een plek bij Sportclub Meddo.”

 

Landschap

Willem Peletier en Cees Ehlers zijn allebei actief als lid van de NGV en hebben Griffioen, die ook voorzitter is geweest van de afdeling Winterswijk van de NGV, goed gekend. Cees Ehlers: “Griffioen had een indrukwekkende verzameling stenen en wilde een indruk geven van wat er in Nederland is aangevoerd door landijs en rivieren en de herkomst in beeld brengen. Hij kwam ook uit het onderwijs en wilde kennis overdragen over de gevarieerdheid van de stenen die hier werden gevonden. Het illustreert het verhaal van de 29 zwerfstenen in de sokkel, dat een beeld geeft van het ontstaan van ons gebied. Ons landschap wordt vaak zo vanzelfsprekend gevonden, maar het is een uniek bekenlandschap.”

 

Eeuwenoud

Peletier: “Het merendeel van de steensoorten is van zuidelijke afkomst, aangevoerd door de Rijn en de Maas. Door het Scandinavisch landijs werden stenen uit Noorwegen, Finland, Zweden en Denemarken afgezet, het noordelijk materiaal. Vanuit het oosten werd materiaal aangevoerd door Duitse rivieren zoals Wezer en Elbe die door uitbreiding van het landijs niet naar het noorden konden afwateren en afbogen in westelijke richting, wat ook de loop van de rivieren verklaart.” Griffioen wilde in beeld brengen dat in onze omgeving materiaal uit drie verschillende richtingen bijeenkwam en mensen nieuwsgierig maken naar dat fenomeen.

Daarbij is kennis van de materie niet per se noodzakelijk, vindt Ehlers. “Dat zie je ook bij zwerfsteenverzamelaars. De kennis komt via belangstelling, ook bij niet-geologen.” In de Museumfabriek aan de Laan van Hilbelink is een afdeling geologie met vitrines met unieke vondsten, waaronder zwerfstenen uit Scandinavië en de stroomgebieden van Wezer, Rijn en Maas. Ook op Landgoed Kotmans in Miste zijn veel ter plekke opgegraven stenen te zien.

 

Route

Griffioen heeft veel tijd besteed aan het ontdekken van de geheimen van de bodem van Winterswijk, die bekend staat als mozaïekvloer van Nederland. In het kader van het Europees Natuurbeschermingsjaar gaf de afdeling Winterswijk van de NGV in 1995 een routeboekje uit met twee fietsroutes langs geologisch interessante plekken.

De aan Griffioen opgedragen fietsroutes hebben in het verleden bijgedragen aan de bekendheid van de ingemetselde stenen, maar net als de brochure met uitgebreide achtergrondinformatie, bestaat het routeboekje niet meer als uitgave. In het voetstuk zelf ontbreken een aantal nummertjes bij de stenen.

Het totaalplaatje van de grote steen bij het raadhuis vraagt om een opknapbeurt, zodat het werk en de bedoeling van Griffioen weer de aandacht krijgt die het verdient. En wie weet, worden de Gerrit Griffioen routes dan ook weer gepubliceerd.

 

Meer informatie over de geologische vereniging: www.geologie.nu/regionaal

De Museumfabriek is geopend op maandag en dinsdag van 8.30 uur tot 12.00 uur en van 13.30 uur tot 17.00 uur.


Deel dit bericht

Advertentie


Socialmedia

This message is only visible to admins.

Problem displaying Facebook posts.
Click to show error

Error: Server configuration issue

Gerelateerde artikelen