Oud-honkbalinternational Herman Beidschat woont gewoon op De Pasbree

25 november 2017

Sportlegende vindt thuishonk in Winterswijk

 

Maar weinig plaatsgenoten zullen het weten, maar ons dorp herbergt een ware sportlegende… En nog wel eentje die uitgebreid vermeld staat in de encyclopedie van Nederlands 500 beste sporters uit de twintigste eeuw. Herman Beidschat, een Winterswijker die met Sjaak Swart speelde in het Amsterdams voetbalelftal, maatje was van Mart Smeets bij basketbalclub Levi’s Flamingo, maar bovenal honkballegende. Speelde als werper (pitcher) twaalf jaar bij Oranje en werd tien keer gekozen tot beste werper van het land. Werd meerdere malen Europees kampioen met Oranje. Speelde in de VS en was na zijn actieve sportcarrière o.a. trainer bij vele sporten, maar ook sportcommentator bij Langs De Lijn.

 

Als enig kind geboren in 1940 te Arnhem, verhuisde Herman  in 1942 met zijn ouders naar Den Haag om op zijn negende in Amsterdam terecht te komen. Herman groeide op in de Watergraafsmeer, vlak bij het toenmalige Ajaxstadion De Meer. Herman bleek al gauw een multitalent te zijn, beoefende meerdere sporten bovengemiddeld. Hij voetbalde bij Zeeburgia en kwam in het Amsterdams voetbalelftal met o.a. Sjaak Swart. Herman maakte indruk en Ajax klopte aan, er lag een contract voor hem klaar. Alles leek voorbestemd tot een voetbalcarrière totdat Herman op 16-jarige leeftijd een been brak. Hij zou te lang moeten revalideren om weer te kunnen voetballen op Ajax -niveau en koos voor honkbal. Zijn enorme kracht in de armen was bij het voetbal ook al opgevallen door zijn inworpen, die tot corners uitgegroeid waren. Herman ging spelen bij VVGA. Hij was werper en dat ging hem meer dan goed af. Speelde daarna voor verschillende clubs, waarvan de Haarlem Nicols de bekendste was. Ook was hij een jaar actief in de USA. Herman stopte na een glansrijke sportcarrière op zijn 39e. Naast zijn de sport was Herman manager bij een bedrijf in dierenartikelen. Daarna werd hij trainer. “Ik heb Johan Cruijff getraind als pitcher. Ook dat kon hij verdomd goed. Johan wilde alles leren en kwam zodoende wel eens bij mij toen ik honkbal speelde bij VVGA, om de hoek bij Ajax”.

Krachtige stem

Hermans stem en drive zijn nog net zo krachtig als zijn worp uit vroegere dagen. Natuurlijk heeft hij met zijn 78 de beste jaren achter zich, maar hij doet er alles aan om in goede conditie te blijven. Zo is hij dagelijks in de sportschool te vinden Zijn stem heeft nauwelijks aan kracht ingeboet. Zijn stem was ook een belangrijk onderdeel van het succes als sportman. Zijn Amsterdamse flair, gogme  en met humor doordrenkte bluf brachten hem tot hoog niveau. Herman was en is recht voor zijn raap en boezemde al bij voorbaat angst in bij de tegenstander. Zo is bekend dat de Italianen zich bij voorbaat al kansloos voelden als Herman op de heuvel stond om te werpen. Zoals voormalig PSV-keeper Hans van Breukelen in latere jaren alles bijhield van zijn strafschopnemende tegenstanders, deed Herman dat van zijn tegenstanders. Hij hield alles bij van elke slagman als tegenstander, boekjes vol. Waar heeft hij de bal het liefst niet en hoe aan te gooien; naar buiten draaiend of met effect, maar ook: wat zijnde  mentaal zwakke punten van de slagman.

 

Mart Smeets

“Tegenover ons huis was een basketbalpleintje en daar was ik vaak te vinden, gewoon lekker een balletje werpen. Op een keer riep iemand. “Hé honkballer, even meedoen? ” Nou dit ging blijkbaar zo goed dat diegene, ene Mart Smeets, vroeg of ik eens wou komen trainen bij hen. En aangezien honkbal toch voornamelijk een zomersport is, dacht ik: “och, waarom niet”. En zo speelde ik , voornamelijk in de winter, basketbal met Mart Smeets bij Flamingo’s in Haarlem. Mart was een maatje van mij. Maar ik heb geen vrienden aan de sport overgehouden, daar was ik de man niet naar. Ik wilde de beste zijn, soms bij het idiote af en zette alles er voor aan de kant. Zo verloor ik Smeets ook uit het oog. Zo’n twee jaar geleden kwam Mart Smeets naar Winterswijk voor een lezing in de Doopsgezinde kerk. Ik had gelezen over zijn komst en besloot om samen met mijn vrouw erheen te gaan. Zitten we op een terras aan de Markt, zie ik hem aan komen lopen. Hij komt op ons af en vraagt “weet u ook waar..?” Verder komt hij niet en roept: “Nummer 54 Haarlem Flamingo’s. Wat doe jij in godsnaam hier?”

Winterswijk

“Mijn vrouw Liesbeth en ik wilden weg  uit Haarlem en waren op zoek naar een mooie streek. We kenden de Achterhoek van de vakantie en kwamen zo in Winterswijk terecht, nu alweer acht jaar geleden. Geen stoplichten of parkeergeld hier, heerlijk. En als je je maar openstelt word je echt geaccepteerd. We hebben een geweldige buurt en mijn buurman is als een broer voor mij. Ik mag dan wel veel op sportgebied hebben gepresteerd, ik kan zelf nog geen schilderijtje ophangen, dan springt de buurt bij. Burenhulp vinden ze hier gewoon, maar mijn vrouw en ik kenden dit niet. We waren onlangs een week in Haarlem in het huis van vrienden. We waren elke dag even bezig de fietsen achterop de auto te zetten en dezelfde mensen zagen we dan vaak. Je moet niet denken dat iemand zegt ”bent u op vakantie hier, of, waar gaat de tocht heen vandaag”. Kun je je voorstellen dat in na die week gewoon heimwee had naar Winterswijk? Ja echt. Als we na Doetinchem de autobaan afdraaien zeggen we tegen elkaar  ’we zijn weer thuis’. Natuurlijk zijn er wel eens dingen die mij opvallen en waar ik dan wat van zeg. Zo hebben ze het hier vaak over ziektes of komt men wat mopperig of klagerig over. Ik relativeer dan wat en benadruk hoe goed het wonen en leven hier is”.

 

Hickory

Hermans komst naar Winterswijk was bij de plaatselijke honk-softbal vereniging niet onopgemerkt gebleven. De toenmalige voorzitter van Hickory, Theo Hartjes stond al gauw met bloemen aan de deur om de grootheid van weleer welkom te heten. Na herhaaldelijk aandringen ging Herman overstag en ging de voormalig werper aan de slag bij Hickory, in de begeleidende sfeer wel te verstaan. Hij tilde de club naar een zichtbaar hoger niveau. Plezier in het spel brengen, tactisch vernuft bijbrengen en jeugdspelers opleiden. De laatste jaren is Herman er hoofdzakelijk als toeschouwer, maar wel eentje die zijn stem laat horen.

 

Honkbal in Nederland van slag

Met lede ogen ziet Herman toe hoe het honkbal in ons  land afglijdt.  ”Bij wedstrijden op het hoogste niveau zitten er hooguit een paar honderd toeschouwers, in mijn tijd vaak minimaal 5000 man. Natuurlijk zijn er nog niet zo lang geleden mooie resultaten geboekt door het Oranjeteam , maar dat kwam voornamelijk door Amerikaanse inbreng.” Ook over het honkbal in de Achterhoek maakt Herman zich zorgen, sinds zijn komst naar Winterswijk zag hij al heel wat clubs verdwijnen. Over de toekomst van Hickory  is hij evenmin al te optimistisch. “Prachtige accommodatie, echt gaaf. Maar nauwelijks aanwas en de echte kennis ontbreekt te veel”.


Deel dit bericht

Advertentie


Socialmedia

This message is only visible to admins.

Problem displaying Facebook posts.
Click to show error

Error: Server configuration issue

Gerelateerde artikelen