Remco Oonk speelt rol ‘foute naober’: “Iemand moet het doen”

25 maart 2020

Door Daniëlle Carrière
Remco Oonk is een van de spelers in het stuk Boer’nleu in Oorlogstied dat begin mei in ’t Woold ten tonele zou worden gevoerd. De voorstellingen zijn door de coronacrisis verplaatst naar 30 april en 1 en 2 mei volgend jaar (2021). Oonk speelt in het stuk een bijzondere rol: die van ‘foute naober’. In een interview met de 50+Krant vertelt hij  waarom hij die rol ondanks zijn twijfels toch op zich heeft genomen.
“Na afloop van het toneelstuk kleed ik me om. Ik draag in het laatste bedrijf een NSB-uniform, maar ik trek daarna meteen weer het boerenkloffie uit het eerste bedrijf aan. We lopen dan als spelers met de mensen uit het publiek naar de tentoonstelling in ‘t gebouw en daarbij wil ik geen mensen kwetsen door als NSB’er te verschijnen.”
Remco Oonk, zei eerste instantie ‘dat ga ik niet doen’, toen hem gevraagd werd de rol van NSB’er in Boer’nleu in Oorlogstied op zich te nemen. “Toen ben ik er goed over na gaan denken en heb er met mensen over gepraat. Iemand moet het doen. Nu vind ik het een eer dat ik met de toneelgroep kan uitdragen hoe mooi het is om in vrijheid te leven.”
Remco en Heidi Oonk runnen in het dagelijks leven Zorgboerderij De Olden Gaorden. Sinds een aantal jaar is sympathieke zorgboer lid van Toneelvereniging Ons Genoegen Woold. “Waarom ze mij vroegen voor de rol? Ze doen aan type-casting en ik denk dat ze vonden dat ik wel een autoritair iemand kan spelen. Ik heb er van wakker gelegen. Ik was bang dat het me klanten zou kosten op de boerderij. Mijn vrouw Heidi vond dat ik het moest doen. ‘Je bent toch zelf niet zo’, zei ze en voegde daaraan toe: ‘je bent niet bij het toneel gegaan om jezelf te spelen?!”
Vroeger, nog meer dan nu, waren de inwoners van buurtschappen op de buren aangewezen in goede en slechte tijden. Een oorlog geeft zo’n ‘naoberschap’ een heel andere dimensie, want welke buur kun je nog vertrouwen? Het in vertrouwen nemen van ‘de verkeerde’ naober kan een kwestie worden van leven of dood.
Dommige jongen
Remco Oonk speelt zo’n naober die in de oorlog niet te vertrouwen is. In het eerste bedrijf loopt hij nog in zijn boerenkloffie en leren we zijn personage kennen. “Een beetje een dommige jongen, die eigenlijk nergens echt bij hoort”, zegt Remco. “Hij moet van zijn familie een vrouw aan de haak slaan, maar doet dat op zo’n onhandige manier … Sinds ik in de rol ben gedoken, fascineert het me alleen nog maar meer hoe mensen zo fout kunnen worden.”
Remco Oonk dook in het verleden en zocht uit hoe het er, met name in het Woold, in de oorlog aan toe ging. “Hoe meer ik over die tijd te weten kom, hoe meer ik snap waarom mensen in de oorlog zo hebben gehandeld. Apart van de fanatieken dan. Ik begrijp het beter, maar ik keur het absoluut niet goed.”
In de Tweede Wereldoorlog in Winterswijk was het onder meer de fanatieke NSB-leider Bos, oorspronkelijk veearts, die de buurtschappen in ging om mensen te ronselen. “Mensen met problemen, mensen die nergens echt bij hoorden, mensen die aan de drank waren of mensen die hun bedrijf wilden beschermen, lieten zich overhalen door de ‘mooie’ praatjes. Ze kregen een uniform aan en voelden zich helemaal het mannetje.”
Geen oordeel
In het toneelstuk wordt niet geoordeeld. Remco: “Overigens, niet iedereen die lid was van de politieke partij NSB, handelde in de oorlog slecht. Ik denk zelfs dat veel van die mensen, als ze toen geweten hadden, wat wij allemaal nu weten, niet zover waren gegaan. Dan heb ik voornamelijk over het oppakken van de Joodse mensen. Want dat ze opgepakt werden en op transport gingen was toen wel duidelijk, maar men hoorde pas na de oorlog wat er uiteindelijk met veel Joodse mensen is gebeurd.”
“Ik heb geen heel ingewikkelde rol. Kijk, dit is het gehele script.” Hij wappert met een flinterdun boekje van A5-formaat. “Ik heb niet zoveel tekst. Plusminus tien bladzijden. Wat ik bijvoorbeeld erg moeilijk vind van mijn rol, is dat ik in het enge kostuum ondergedoken Joodse mensen uit een boerderij moet halen. Dat doet me echt wat.”
“Of ik bang ben dat er mensen na het stuk slecht over me denken? Nee, dat zou dan meer over die mensen zeggen dan over mijzelf!”, is Oonk resoluut.
Duitse Spelers
Remco Oonk is niet de enige die in eerste instantie niet zat te springen om een rol in het stuk. Via Freddy Kruisselbrink, die lid is van Ons Genoegen én van de Duitse toneelvereniging uit Rhede, werden Duitse toneelspelers uitgenodigd om aan het stuk deel te nemen. Zij zaten er echter niet op te wachten. Ze gingen toch in op een uitnodiging voor een vrijblijvende avond in Verenigingsgebouw Juliana.
“De Duitse spelers kwamen schuchter binnen en gingen stil in een hoekje zitten”, zegt Henk te Brummelstroete, initiatiefnemer van deze avond. “Ze waren vooral bang dat meespelen in het stuk rolbevestigend zou zijn. We hadden de Borkense Sixtina Harris uitgenodigd. Zij verzorgt excursies voor Duitse leerlingen naar belangrijke locaties uit het boek De Schuilplaats van Johanna Reiss om ze te leren over de Tweede Wereldoorlog.”
‘Ook de Duitsers zijn bevrijd’
“Na de lezing van Harris vertelde een 80-jarige Duitse speler over zijn eigen ervaringen in de oorlog. Heel emotioneel”, vertelt te Brummelstroete zichtbaar aangedaan. “Uiteindelijk begonnen de Duitsers te vertellen. Er kwam een enorme samenhang in de groep en de Duitse spelers zijn nu vereerd dat ze mee mogen doen.”
Ook Remco Oonk kan zich de avond nog goed herinneren. “Bedenk wel dat de meeste Duitsers ook bevrijd zijn”, zegt hij, “bevrijd van Hitler. Zij hadden ook angst en honger en eten op de bon. Ze zijn bevrijd, maar vieren het nooit.”
“Een van de Duitse spelers vertelde dat hij aan het begin van de oorlog in de klas zat en er door de leerkracht gevraagd werd wat ze in het weekend hadden gedaan. Een klasgenootje antwoordde dat ze naar de radio hadden geluisterd, maar dat hij het niet had kunnen verstaan, omdat er een andere taal gesproken werd. In de week erna zijn de ouders van dat Duitse jongetje opgepakt en afgevoerd. Verhalen kwamen los. Veel Duitse soldaten keerden niet levend terug van het front. Heel apart dat de Duitse spelers erover vertelden. Duitsers praten nooit over de oorlog en ze deden het nu, op deze bijzondere avond.”
Remco Oonk vervolgt: “Hoe meer ik over de dingen ga nadenken die er destijds zijn gebeurd, hoe meer het me raakt. Ook omdat er op deze wereld nog steeds zulke dingen gebeuren. De rol vind ik moeilijk om te spelen, maar ik moet voor ogen houden dat het een rol is. Ik ben bij het toneel gekomen voor het plezier en dat heb ik nog. Tijdens de repetities drinken we gezellig samen koffie en naderhand een biertje. Daar doe ik het ook voor.”
“En ook voor het mooie spel dat we met het gehele team op de bühne gaan zetten. Dat mensen begrijpen hoe het leven was toen en dat we het nu in Nederland echt heel goed hebben. In het spel willen we de levensles van Johanna Reiss uitdragen: we zijn niet bevrijd om te haten.”

Website: www.boerenleuinoorlogstied.nl

Raamwerk vertaalt oorlog van toen naar huidige tijd
Wijlen Chris Huiskamp, in zijn tijd beter bekend als Rooks Chris, schreef vlak na de Tweede Wereldoorlog het stuk Boer’nleu in Oorlogstied. Hij gebruikte verschillende gebeurtenissen die zich in 1940-1945 in het Woold afspeelden als basis voor zijn stuk. Het spel wordt als openluchtspel opgevoerd op het erf van Boerderij D’n Dröpper. Henk te Brummelstroete, penningmeester van Ons Genoegen, schreef in samenwerking met de Werkgroep Vormgeving een raamwerk om het oorspronkelijke script. Deze inleiding en het slotstuk spelen zich af in de huidige tijd en leggen de gebeurtenissen van toen beter uit voor de jeugd. Te Brummelstroete bezocht groep 7 en 8 van OBS Woold, vertelde er over de Tweede Wereldoorlog en liet de leerlingen er naderhand ieder drie vragen over opschrijven. Deze vragen zijn verwerkt in het raamwerk, waarin onder meer leerlingen van OBS Woold meespelen.

 


Deel dit bericht

Advertentie


Socialmedia

This message is only visible to admins.

Problem displaying Facebook posts.
Click to show error

Error: Server configuration issue

Gerelateerde artikelen