Winter pas echt voorbij als de zwaluwen er zijn

31 maart 2018

De winter is voorbij wanneer de trekvogels geleidelijk aan terugkeren vanuit hun verblijfplaatsen in zuidelijke landen. Iedereen heeft daarbij verschillende voorkeuren. De weidevogelliefhebber wordt vrolijk als de kievit en de grutto hun roep weer laten horen. De liefhebber van het kleinschalige agrarische cultuurlandschap kijkt uit naar de eerste boerenzwaluwen, zeker als die op zijn of haar eigen erf zo’n mooi gemetseld nest hebben. Voor een dorpsbewoner zoals ik is het moment om definitief de winter achter me te laten het moment waarop de gierzwaluwen weer hoog in de blauwe lucht van Winterswijk scheren. Ik hoef ze niet eens te zien. Het is al genoeg als ik hun karakteristieke schrille roep boven mij hoor.

 

Gierzwaluw
De gierzwaluw keert elk jaar omstreeks Koningsdag terug, al valt de vogel mij de laatste jaren meestal pas op rond Bevrijdingsdag. Vanaf de laatste week van april kijk ik al verlangend naar boven in de hoop de eerste gierzwaluw te zien. Het is me wel eens overkomen dat ik daardoor van de fiets viel. Omhoogkijkend fietsen is niet de meest verstandige bezigheid. Die gierzwaluw lijkt qua vorm op de huiszwaluw, oeverzwaluw en boerenzwaluw. Toch behoort deze soort tot een andere groep vogels en is meer verwant met kolibries dan met de andere zwaluwen. De gierzwaluw is van oorsprong een rotsvogel, die onder dakpannen en dakgoten en achter regenpijpen broedt. In Winterswijk wordt het aantal broedparen geschat op 500. De soort lijkt iets achteruit te gaan. Het verblijf in Nederland is kort. Ergens in augustus wordt het opeens stil in de lucht.

 

Boerenzwaluw
De meest voorkomende zwaluw is de boerenzwaluw, waarvan het aantal broedparen ergens tussen de 900 en 1200 ligt. Dat is de helft minder dan veertig jaar geleden. De intensivering van de landbouw en het verdwijnen van nestgelegenheden zijn de oorzaak. De vogel houdt niet van al te nette boerenerven. Er zijn nog steeds vele bewoners van boerderijen die de boerenzwaluw koesteren en enige overlast accepteren. Het nest zit immers soms op een onhandige plek en het is niet zo gemakkelijk om de vogel duidelijk te maken dat die twintig meter verderop moet gaan zitten. Alle zwaluwen zijn insecteneters. De eerste boerenzwaluwen keren in maart terug naar Nederland, maar de grote groep komt aan in april. In september of oktober vertrekken ze weer. Nog niet eens zo lang geleden zag je dan dat ze zich verzamelden op de telefoondraden, die overal nog bovengronds aanwezig waren.

 

Huiszwaluw
De huiszwaluw komt minder voor rondom Winterswijk. Het aantal broedparen wordt geschat op tussen de 100 en 200 en is al jaren ongeveer gelijk. Gemiddeld genomen keert deze soort iets later terug dan de boerenzwaluw. De huiszwaluw broedt bij boerderijen, maar komt ook in het dorp voor. Nesten worden tegen een buitengevel aan gemetseld. Ook bruggen worden gebruikt. De oeverzwaluw daarentegen maakt de nesten in gangen, die de vogel in steile oevers graaft. Maar een hoop zand, zoals op het zanddepot nabij ’t Hilgelo is ook geschikt. Daar bevindt zich alweer een flink aantal jaren een kolonie van ruim 200 broedparen.

 

De boerenzwaluw is de meest voorkomende zwaluw. Foto Jan Stronks


Deel dit bericht

Advertentie


Socialmedia

This message is only visible to admins.

Problem displaying Facebook posts.
Click to show error

Error: Server configuration issue

Gerelateerde artikelen